Bezoek
Het meest pittoreske plein van Berlijn is voor velen de Gendarmenmarkt met haar concertgebouw, haar Franse én haar Duitse Dom. Ik las deze week in de krant dat de bomen op die Gendarmenmarkt moeten verdwijnen. Onderzoek heeft uitgewezen dat de takken voor veel toeristen ”te laag hangen” om rustig onderdoor te kunnen wandelen. Het is maar één van vele voorbeelden die aantonen hoe groot de invloed van toeristen op het stadsbeeld geworden is. Berlijn staat voor de moeilijke evenwichtsoefening om aan toerismemarketing te doen, zonder aan haar oorspronkelijke charme te raken. Het is, blijkt uit andere onderzoeken, immers net het ruwe, diverse en chaotische karakter van de stad dat toeristen naar Berlijn lokt.
Citymarketing?
Veel Berlijners vinden dat de huidige burgemeester, Klaus Wowereit, in die evenwichtsoefening te veel naar de kant van de toeristen overhelt. Vooral zijn centralisatiepolitiek is voer voor discussie. Veel musea worden van de rand van de stad naar het centrum verplaatst, zodat een citytripper alles lekker dichtbij vindt. Er wordt zelfs een nieuwe metrolijn gebouwd die langs alle toeristische highlights loopt, waardoor enkele wijken van de stad vrezen geen enkele bezoeker meer te zien. Nochtans moet ook de burgemeester weten dat Prenzlauer Berg niet meteen centraal ligt, en toch zonder een greintje citymarketing de hipste plaats van de stad werd.
Maar de cijfers geven Wowereit gelijk. Berlijn kreeg nog nooit zo veel toeristen over de vloer als in het crisisjaar 2009, waarin de stad zich profileerde als betaalbaar alternatief voor dure wereldsteden als Rome of New York. Met 8,3 miljoen toeristen en 19 miljoen overnachtingen kan de hoofdstad een mooi rapport voorleggen.
Nu de zon hier weer dagelijks schijnt en de paasvakantie in België begonnen is, begint ook onze bezoekersstroom op gang te komen. Die komen niet in de statistieken voor. Sommige mensen overnachten bij ons, anderen opteren voor het vakantieappartement drie verdiepingen lager. Zowel van privébezoeken als van dergelijke vakantieappartementen, die steeds populairder worden, zijn er voorlopig nog geen cijfers.
Hamburger Bahnhof en Berliner Unterwelten
Ook wij beginnen dan met een evenwichtsoefening. Vrienden en familie bezoeken vooral ons, maar zien ook graag iets van de stad. Wie graag een museum bezoekt dat we al kennen, sturen we alleen op weg om hen later op één van onze favoriete terrasjes weer te ontmoeten. Er zijn natuurlijk uitzonderingen: naar sommige musea, zoals het Hamburger Bahnhof, blijf ik graag meegaan. De collectie van dit museum voor hedendaagse kunst is zo groot dat het aanbod om de paar maanden volledig verandert. Wat we ook graag aanraden, is een gidsbeurt door ondergronds Berlijn. Vlak bij ons in de buurt heeft ‘Berliner Unterwelten’ enkele schuilkelders en bunkers ontsloten die een verbazend levensecht beeld geven van het leven in die schuilkelders in de Tweede Wereldoorlog (inclusief originele lakens en toiletten).
Maar het allerliefste schakelen we het bezoek in in ons dagelijks leven en tonen we hoe Berlijn een deel van ons is geworden: paaseieren zoeken langs het Landwehrkanaal, de kinderen naar de Kindergarten brengen met een kleine omweg langs het Mauerpark, van de zon genieten in het Humboldthainpark, brunchen op zondag…
Een halve marathon lopen is nog niet echt dagelijkse routine voor me, maar het was wel een absolute topper om samen met bezoek de Berliner Halbmarathon lopen. We maakten meteen de afspraak om een volgend bezoek rond 26 september te plannen, wanneer heel de stad in het teken van de marathon staat.
Er zijn natuurlijk ook de kennissen van familie die in ons een handige toeristische dienst zien. ‘Wij zijn van dan tot dan in Berlijn. Wat moeten we doen?’ Koop een reisgids, denk je dan. Vreemd is dat zelfs de meest klassieke toeristen vragen naar de niet-toeristische plekken en attracties.
De beste tip is ‘verhuizen’. Dan is niets meer toeristisch en is alles thuis. En dat blijft een heerlijk gevoel.
Laatste reacties