Logo


03 september 2010 00:58

Cobra.be als startpagina

Toon de tekst in de standaard lettergrootte Toon de tekst groter Toon de tekst extra groot


Agenda:


blog/Het Leven Is Elders

Rimbaudmania

Het Salon International Du Livre Ancien dat jaarlijks in  het Grand Palais georganiseerd wordt, is nu niet  meteen een grote publiekstrekker. Ware het niet dat twee bibliofielen er dit jaar een foto voorstelden die in de Franse literaire kringen voor consternatie zorgde. Een foto van Rimbaud.

Rimbaud, de illustere poëet die op z’n 17de al z’n magnum opus schreef en na een tumultueuze relatie met die andere grote uit de Franse literatuur, Verlaine, een anoniem bestaan als wereldreiziger ging leiden tot z’n prille dood op 37 jarige leeftijd.

Van Picasso tot Patti Smith, Rimbaud, inspireert sinds jaar en dag artiesten in elke genre.

Tot nu toe waren er slechts enkele foto’s van de meester beschikbaar: een schimachtige foto van vlak voor z’n dood, en een foto waarin Carjat hem vereeuwigde op 17-jarige leeftijd. Het beeld dat in het collectieve geheugen gegrift staat, is die onscherpe foto van een mooie jongeling, die ietwat verdwaasd van de camera wegkijkt. Een beeld dat eindeloos geromantiseerd en geportretteerd is in schilderijen en sculpturen, in strips en graffiti.

De nieuwe foto van Rimbaud op volwassen leeftijd doorbreekt de mythe rond de man, zorgt voor uitgebreide coverage in de pers en duizenden extra bezoekers op het Salon.

Toeval of niet, voor de poëtische zielen onder ons loopt er momenteel een kleine maar fijne expo, in de rue Mahler in de Marais (naast één van de underground winkels van l’Eclaireur). De tentoonstelling geeft een mooi overzicht van hoe de icoon verweven is in allerlei kunstvormen én hoe gecommercialiseerd de man en z’n beeltenis is.

Rimbauds meest bejubelde gedicht, Le Bateau Ivre (het dronken schip), handelt over een schip dat geteisterd wordt in een storm. Het motto van Parijs, Fluctuat nec Mergitur, wat zoveel betekent als “Het wordt heen en weer gegooid door de golven maar zinkt niet”, sluit prachtig aan bij deze parel van de Franse literatuur. Reden te meer om in tijden van politiek en economisch tumult Rimbauds werk te gaan herlezen.

Luxe is koning in de Parijse culturele lente.

Zoals u hiernaast al kon lezen zit ik in Parijs voor een MBA in Luxury Brand Management. M’n luxe-klasje in ESSEC bestaat voor 80% uit dames. Een bont allegaartje van intelligente fashionistas met meer dan 20 nationaliteiten. Ondanks de obligate kattengevechtjes en onderlinge jaloerse blikken – waar ik me als brave Belg uiteraard helemaal buiten houd – hoor je me niet klagen. Naast die gedwongen academische onderdompeling in luxe, is het momenteel ook in cultureel Parijs onmogelijk de luxe te ontlopen.

Voor het eerst sinds het overlijden van het enfant terrible van de Franse mode, is er in het Petit Palais een overzichtstentoonstelling van het leven en werk van Yves Saint Laurent, georganiseerd door z’n levens- en business partner Pierre Bergé. De tentoonstelling geeft op fabuleuze wijze een overzicht van de 40 jarige carrière van Saint Laurent aan de hand van ruim 300 kledingsstukken en een uitgebreid assortiment tekeningen en beeldmateriaal. Wat niet wordt vermeld, is dat ondanks de rijkdom van archieven en de grandeur van de tentoonstelling het moderne YSL al jaren verlies maakt.

Ook Hermes , één van de laatst echte maisons dat nog niet in handen is van een luxe conglomeraat, trekt de expositietoer op. In het fabelachtige Institut du Monde Arabe , ontworpen door Jean Nouvel, toont ook dit lederwarenhuis waar het z’n inspiratie haalt.

En dan is er die andere luxe koning die Parijs al een week in z’n ban houdt. Geen Fransman deze keer, maar het ultieme Amerikaanse succesicoon, Ralph Lauren.

Nadat de zeventiger vorige donderdag door Sarkozy de Legion d’Honneur opgespeld kreeg en hij alle voorpagina’s van de Franse pers haalde, opende hij ’s avonds op de Rive Gauche z’n grootste Europese winkel. Met de aanwezigheid van het quasi voltallige Franse cinemawereldje (inclusief usual suspects als Deneuve en Depardieu) leek het festival van Cannes zich voor één avond op de Boulevard de Saint Germain af te spelen.

Persoonlijk ben ik allesbehalve een Ralph Lauren liefhebber maar het resultaat mag gezien worden. De 5 verdiepingen tellende winkel is een oud rococo hotel gelegen vlakbij het legendarische Café de Flore (het hoofdkwartier van existentialisten als Sartre en De Beauvoir). Na 4 jaar restauratie is het in alle glorie herrezen, met weliswaar een heel andere bestemming. De opgefriste gevel is alleszins een aanwinst voor het quartier des artistes.

Dat het luxe geweld nu maar wat gaat liggen, zodat de echte Parijse lente kan losbarsten.

A la recherche des identités perdues

Eén van de gastprofessoren in m’n nieuwe studie is de voormalige grote baas van een van de laatste Franse ‘maisons de luxe’. Een zeer aimabel man die ons de interne truukjes van het luxe clubje komt verklappen.Bij het overlopen van z’n nieuwe leerlingen, verliep de begroeting echter als volgt: “Aahh, un petit Belge, personne n’est parfait.” Hilariteit alom. In de selectie-interviews voor dit studiejaar, had ik nochtans m’n Belg-zijn uitgespeeld als één van m’n grootste troeven. De Belg als de stille noeste werker, bescheiden maar ambitieus, die ondanks het harde labeur wel mateloos kan genieten van de geneugten des levens. Het ideale profiel voor iemand in de luxe sector?

Onze belgitude is misschien wel Europa’s best bewaarde geheim. We bekleden heel wat internationale topposities, maar geen kat die weet dat het Belgen zijn. Die nationale bescheidenheid doet me bij m’n Franse vrienden dan ook de das om. Ze vinden ons sympathiek en schattig, maar voelen zich meteen bevestigd in hun Franse superioriteit.

Toch zijn zelfs de trotse Fransen inmiddels het noorden kwijt omtrent hun eigen identiteit. Sarkozy lanceerde een tijd geleden het ‘debat over de nationale identiteit’, met als kernvraag: “Wat betekent het om Frans te zijn?”

In een poging om de Fransen te verenigen rond de nationale identiteit (en z’n eigen populariteit op te krikken) worden over het hele land debatten georganiseerd. De conclusies worden deze week bekend gemaakt en zouden moeten leiden tot een gemeenschappelijke visie op de moderne Franse identiteit. Het debat is de laatste maanden echter compleet ontspoord in een racistisch getint discours (ook in de hoogste politieke kringen) dat eigenlijk alleen nog maar over immigratie gaat. Het blijkt de Fransen meer te verdelen dan te verenigen, met als voorlopig hoogtepunt een petitie van kunstenaars en academici die ijveren voor het stilleggen van het uit de hand gelopen debat .

Deze week verschijnt hier ook de lang verwachte biopic rond Serge Gainsbourg. Frankrijks grootste culturele icoon. De cast is een bont allegaartje van oude en nieuwe Fransen, en heel wat culturele helden van de Franse 20e eeuw passeren de revue. Laetitia Casta, wiens portret model stond voor de nieuwe Marianne, vertolkt bovendien de rol van Brigitte Bardot. Een betere product placement voor de Franse nationale identiteit lijkt me moeilijk. Misschien moet Sarkozy alle Fransen een ticketje voor de film cadeau doen? Het zou alleszins helpen om het debat terug te brengen tot de essentie.