Bij de schouw voor de veiling van Pim Fortuyns spullen hing een groot spandoek: ‘Wie met Pims spullen naar buiten huppelt, wordt weer netjes teruggeknuppeld’. De openbare verkoop is de laatste pijnscheut van de cultus rond de man die door Theo van Gogh de ‘Goddelijke Kale’ werd genoemd. Zijn laatste aanhangers eisen tevergeefs dat alles bij elkaar blijft. Een mausoleum voor hun burgerwoede.
Professor Pim, wonend in een fatterig palazzo met een Bentley en butler die hij maar met moeite kon betalen. Een relnicht met grandeur, een man die het groot zag, die arbeider, hoogleraar en zakenman aansprak, die -het is bijna zijn epitheton ornans- geworden, op tv discussieerde over de smaak van Marokkaans sperma, een man wiens partij het vermogen had om alles wat ze aanraakte te veranderen in een ordinaire ruzie.
Fortuyns meest indrukwekkende erfenis is zijn mobilisatie van de onvrede. Een jaar voor hij de verkiezingen domineerde, lagen de peilingen er rustig bij. De regeringszitjes zouden verdeeld worden tussen de oude politieke families. Pim kwam en veranderde alles. Opeens was de Nederlander ontevreden. Of moet ik zeggen: eindelijk had de ontevreden Nederlander zijn profeet gevonden. Want dat was hij, meer dan een leider. Een man die de nood zag, die niet kon wegnemen en plaats maakte voor een man die het volk leiden zou naar een Rijk van Duizendjarige … euh… vrede? Rust?
De onvrede zocht eerst een uitweg naar Rita Verdonk die in de peilingen naar dertig zetels werd gekatapulteerd om daar vervolgens weggestootramd te worden door Geert Wilders. En het enige wat ik niet begrijp, is waarom die Nederlander zo ontevreden is. De woede van mensen die getreiterd worden in een probleemwijk begrijp ik. Wie in elkaar geslagen is op straat, heeft genoeg rancune voor de rest van zijn leven. Maar hoe groot zijn deze aantallen ongelukkigen? Angst voor moslims? Er woont nog geen zeven procent moslims in Nederland. De radicale groep die morgen de sharia wil invoeren is nog kleiner dan het aantal strenggelovige christenen dat het Oude Testament als wetboek wil hanteren.
Misschien zijn angst en onvrede wel op eenzelfde manier aan te maken zoals de behoefte aan een nieuw commercieel product. Opeens wil je ook dat dat elektrische schuifdak, opeens beschouw je het als vanzelfsprekend dat je kunt kiezen tussen veertig soorten yoghurt. Opeens zie je dat je in een grauw land woont met een heersende klasse die sociaal-democratie met de mond belijdt? Is dat het?
Onlangs zat ik vast in het Brusselse verkeer -dat kunnen de Belgen leren van de Amsterdammers, steden autovrij maken. De chauffeuse woont samen met een Marokkaan. Ze begreep de Wildersianen niet. ‘Al er in West-Europa ergens geïntegreerde moslims wonen, is het wel in Nederland.’ Dat zou kunnen. Maar dat maakt de onvrede in Nederland alleen maar onbegrijpelijker. Ideeën? Die comment-functie onderin staat er niet voor niets.
Laatste reacties