Logo


11 februari 2012 02:10

Cobra.be als startpagina

Toon de tekst in de standaard lettergrootte Toon de tekst groter Toon de tekst extra groot


Agenda:


blog/Het Leven Is Elders

This Old Porch

Waarmee Europeanen de VS niet allemaal associëren:  het Vrijheidsbeeld, wolkenkrabbers, de Grand Canyon, twijfelachtige presidenten, Hollywood, McDonalds, Wall Street. Mijn Amerikaans lievelingsbeeld is veel minder spectaculair. Het is dan ook eerder a state of mind dan een echte plek. Hoe het zich in mijn brein heeft vastgezet, kan ik me niet meer precies herinneren. Misschien was het wel dat liedje van Lyle Lovett, ‘This Old Porch’ (1986). Alleen al dat woord ‘porch’… Het maakt me tegelijk weemoedig en verwachtingsvol: zachtjes heen en weer schommelen op de veranda van zo’n houten huis en de zon zien ondergaan op de prairie en daardoor spontaan Diepe Dingen gaan denken. Zoiets.

Dat gevoel aan den lijve ondervinden is echter niet zo eenvoudig. Motels bieden veelal geen kamers met veranda. En van grootsteden valt er evenmin veel te verwachten op dat gebied. Dacht ik altijd. Tot ik in het historische district van Capitol Hill ging wonen. Prachtige negentiende eeuwse huizen staan daar, met vaak prachtige houten veranda’s en daarop de schommelstoelen waar ik altijd van droomde.

Maar daarmee was het probleem nog niet opgelost want ons appartement heeft geen porch en ongevraagd bij de buren gaan zitten, nu ja, zo ben ik niet opgevoed. Tot we gisterenavond terechtkwamen in het net gerenoveerde huis van een kennis op Capitol Hill. En dat bleek niet alleen een porch te hebben, er hing ook nog eens een heel zacht heen en weer wiegende schommel.

Waarna dit geluksmoment zijn belofte helemaal waarmaakte. Een ondergaande zon heeft in een dichtbebouwde wijk misschien niet noodzakelijk het gewenste effect, maar de porch en het geschommel deden precies wat ik had gehoopt. Nauwelijks een kwartier en twee insectenbeten later wist ik hoe het volgende hoofdstuk moet beginnen van het boek dat ik hier schrijf. Heb je dus helemaal geen prairie voor nodig.

De ene feestdag is de andere (niet)

Institutionele crisis of niet, de show en bovenal de business must go on en dus werd 21 juli in Washington D.C. gevierd alsof het 4 juli was. Op papier dan toch. Of nog concreter: op het bord.

Een van de grote culinaire successen op Capitol Hill de afgelopen jaren is Belga Café,  een Belgisch restaurant, uitgebaat door Bart Vandaele, de vriend van VRT-correspondente Greet De Keyser. De gerechten staan in het Nederlands op de menukaart en ook al doe je er als klant beter aan die niet uit te spreken (de obers hebben natuurlijk geen idéé wat ‘waterzooi’ is), het geeft je toch enigszins het gevoel thuis te zijn. De Belgische bieren, saxofoon aan de muur  en frietzakjes doen de rest.

Maar voorts is het natuurlijk een door en door Amerikaans restaurant. Dat merk je aan de spectaculair snelle bediening,  de doortastendheid waarmee glazen worden bijgevuld (en dus nieuwe flessen aangedragen) en… de manier waarop de Belgische nationale feestdag wordt aangekondigd.

Is het in België veelal een wat luie dag, drache nationale incluis, dan wordt hij op kaartjes in het restaurant voorgesteld als de grootste feestdag die een Belg kan meemaken, opgevrolijkt met straatfeesten en vuurwerk, met burgers die vol trots terugdenken aan die dag in 1831 toen de eerste koning van het land trouw zwoer aan de grondwet. De boodschap is duidelijk: Belgen zijn eigenlijk net als Amerikanen. Ze vieren hun 21ste juli zoals Amerikanen 4th of July.

Dat is op zijn zachtst gezegd wat overdreven, maar het zorgt natuurlijk wel voor een feestelijke sfeer in het restaurant. En voor business is het vast ook niet slecht. Op elke tafel staat overigens een fles champagne met een kaartje waarop de fles de klant toespreekt en aanspoort de Belgische feestdag te vieren. Speciaal voor deze gelegenheid kost ze maar $59. Het eerste Belgische restaurant dat zoiets in België probeert, heeft zich wellicht van land vergist.

De kelder van de macht

Ook geweldig aan leven op Capitol Hill: dat je je de hele tijd op de set van The West Wing kunt wanen. Zo bevond ik me laatst in het Rayburn House Office Building – de plek waar Leo in een aflevering uit het derde seizoen een belangrijke deal krijgt aangeboden. Zo spannend was mijn bezoek niet. In een kelderkamertje van het weinig inspirerende kantoorgebouw zit een dienst die mij als tijdelijke ‘federal employee’ een Social Security pasje zou bezorgen. (Dat zou 6 tot 8 werkdagen duren. Als dat echt zo is, definieert men ‘werkdag’ hier op een mij onbekende manier. We zijn intussen bijna twee maanden verder.) De bedienden hadden hun lunchbreak toen ik er arriveerde (beetje vreemd, toch, om half drie ’s middags) en dus werd ik geacht voor de deur te wachten.

Veel saaier kan een omgeving niet zijn. Een kelder die uitgeeft op een reeks onbeduidende kamertjes, de ingang van de ondergrondse parkeerplaats en drie liften. Een van die liften is er exclusief voor de parlementsleden (daar verwijst ‘House Office Building’ dus naar: kantoren van leden van het Huis van Afgevaardigden). Het half uur dat ik er stond te wachten kwam niemand uit die ene lift. Misschien wisten alle parlementsleden dat iemand er een grote asbak voor had geplaatst, formaat paraplubak.

Voorts was er veel beweging. Vriendelijke postjongens, norse bedienden, piepjonge stafleden die trots hun familie rondleidden, nog meer postjongens, chauffeurs onderweg van of naar hun auto, postmeisjes… E-mail mag de klassieke brief dan al vervangen hebben, Amerikaanse politici krijgen opvallend veel post binnen. En mijn ‘Jongens & Politiek’-geest kon intussen dus alleen maar denken: aanschouw de kelder van de macht.

Op zich gebeurde er helemaal niets bijzonders. Ik heb geen bekenden gezien, er stond geen pers voor de deur, er werd nergens met de Amerikaanse vlag gezwaaid. En toch was er dus die sensatie van Belang & Geschiedenis. Dat heeft natuurlijk ook met die alomtegenwoordige verkiezingen te maken waardoor politiek weer hotter dan hot is. Aan de wand, tussen twee liftdeuren, hing een lijst met de kantoor- en telefoonnummers van alle Amerikaanse kamerleden en senatoren. John McCain, Hillary Clinton, Ted Kennedy, John Kerry… en dus ook Barack Obama. Als ik een gsm had gehad, was ik misschien wel in de verleiding gekomen dat kantoor even te bellen. Dat gevoel is mij in het Vlaams Parlement nog niet overvallen. Misschien moet er maar eens een dramareeks gemaakt worden over het leven op een of ander Vlaams kabinet.

Ondanks het terecht beroerde imago van de VS in de rest van de wereld, blijft het land tot de verbeelding spreken. Ondanks het gekonkel en ondanks de lobbygroepen die de politiek in Washington een slechte naam hebben bezorgd (ze hebben hier zelfs een eigen straat) spreekt ook de politiek nog altijd tot de verbeelding. Er hangt energie, er worden plannen gemaakt, de toekomst is een uitdaging. Of zoals dat vaste zinnetje uit The West Wing het wil: ‘What’s next?’

De achterkant van het nieuws

supreme court

Of je daar dan iets van merkt wanneer de paus je stad bezoekt? Wel, niet noodzakelijk. De federale overheid stuurt naar alle werknemers e-mails waarin hun wordt aangemaand niet te laat op het werk te arriveren (en dus de pausfiles voor te zijn, tijdig thuis te vertrekken, bepaalde straten te vermijden). De lokale zender en kranten brengen het groot. Maar als ik er niet speciaal op had gelet, had het me allemaal kunnen ontgaan.

Zo gaat dat met wereldnieuws. Het gebeurt onder je neus, maar dat betekent niet dat je het ook opmerkt. De Library of Congress bevindt zich op Capitol Hill, tegenover het parlementsgebouw (The Capitol) en naast het hooggerechtshof (The Supreme Court). Erg geruchtmakende hoorzittingen over de oorlog in Irak of juridische sessies over een hier felbesproken wapenwet spelen zich dus letterlijk bij de buren af. En toch verneem je dat gewoon – net zoals de rest van het land – op het journaal. Ik woon op een paar honderd meter van de Library en kom elke dag voorbij de Supreme Court. Aan de achterkant. Als er aan de voorkant betoogd wordt, merk ik daar helemaal niets van. Zoals de titel van deze rubriek terecht stelt: het leven is elders.