In Nederland is de Boekenweek uitgebroken. Dat betekent dat je als lezer een extra boekje krijgt bij je boek. Als schrijver krijg je een schnabbel. Als goedverkopende schrijver of schrijver met connecties of gewoon als schrijver die stug doorloopt, kun je ook een glaasje drinken op het Boekenbal, een soort personeelfeest.
Het thema dit jaar is dieren. O ja, als je een echt goedverkopende schrijver bent, dan heb je deze week ook een boekje uit over dieren. En ik had nog wel zulke leuke verhalen liggen over het vreugdevolle ererondje dat wijlen Titus, mijn bordeauxdog (foto 2) altijd liep als hij
een dampende hoop had nagelaten onder de appelboom. Of hoe hij zijn straal ooit fier liet kletteren tegen de dwarsgeparkeerde 4 x 4 voor mijn deur. Hoho… en die ene keer dat hij de fagot van mijn gast te pakken kreeg!
Een van de genodigden van het Boekenbal was Simone van der Vlugt, een thrillerschrijfster die al een miljoen exemplaren mocht wegzetten. In haar nieuweling Herfstlied beschrijft ze hoe op de toiletten van het Boekenbal een moord wordt gepleegd. Op die paar moorden na is het boek van een onvoorstelbare gezelligheid.Er worden tortilla’s gebakken, liters koffie weggekeuveld en op die seriemoordenaar na, heeft ieder een leven dat even lieflijk en uitdagend is als een middagje dierentuin.
Het is die truttigheid die deze week aangevallen werd door verliteratuurde dieren als Max Pam en Gerrit Komrij. De literatuur gaat ten onder aan columnistenboekjes vol jool en leut over zwangerschapsstriemen of verzuchtingsmemoires over chemokuren. Pam wilde terug naar een tijd dat de pennenstrijd de krantenwinkel uitkletterde. Komrij diagnosticeerde de literatuur meteen maar op sterven na dood.
Soortgelijke geluiden produceerden twee jonge Vlaamse schrijvers ook onlangs. Hun boeken werden de hemel ingeprezen en toen… niets. Met moeite verkoop je je eerste drukje. De kritiek heeft geen tijd, zin of ruimte meer en de lezer gaat toch liever voor de chemograppen.
Frans Willem Korsten, hoogleraar literatuurwetenschap, trad onlangs in discussie met zijn oud-student Christiaan Weijts. Weijts sloot zich aan bij het tragediekoor van Pam en Komrij. Korsten -die geen Nederlandstalig proza meer leest- ziet voor de literatuur een bloeiende toekomst als gemeenschapsvormende niche-activiteit. Gemeenschappen van lezers komen bijvoorbeeld samen op het internet en zullen zich zo verenigingen en wapenen tegen… eigenlijk alles wat we zo haten aan niet-lezers. ‘Wie veel verkopen wil, voege zich naar de markt, ‘ hield Korsten Weijts voor. Wat waarschijnlijk wil zeggen dat er veel koffie gedronken moet worden tussen de vingerafdrukken door.
Tja als Korsten, Komrij, Nolens, Pam en Theunissen het er eens over zijn… Maar soms heeft het boekenvak het toch echt aan zichzelf te danken. Zo worden die striemenbundels meestal door literaire uitgeverijen gebaard. Of neem deze man, oud-uitgever, jurylid voor één van de belangrijkste debuutprijzen. Hij mag elke week een paar boeken ridiculiseren. Hier leest u de hoogtepunten.Maar ach, waar maak ik me druk over. Dat doet me denken aan die keer dat Titus tijdens de begrafenis van een vooraanstaand lid van die politieke partij…



Laatste reacties